HoogspanningsNet - alles over hoogspanning op het het

Techniek

Hoogspanning en gezondheid?

Antwoord op alle vragen vind je bij het RIVM (NL) of het Departement Leefomgeving (B).

HoogspanningsNet behandelt dit thema met opzet niet zelf. (Waarom niet?)

Geknetter en gebrom?

Geen zorgen, dat is normaal.

NEN

06 mei 2024 In de buurt van Tilburg komt hij te staan: een hagelnieuw 380/150 kV koppelstation. Aansluiting ervan vraagt om een nieuwe inkomende 380 kV-lijn, maar ook om verbouwing aan een bestaande hoogspanningslijn. En dan begint het, want het bestaande mastontwerp van die lijn mag niet zomaar herbouwd worden.

Net even ten noorden van Tilburg komt een 380 kV koppelstation met een handvol vermogenstrafo's drie rails en dadelijk aansluiting op drie bovengrondse 380 kV-lijnen met in totaal acht circuits. Zoiets kennen we van station Rilland. Dat station werd eh.. nouja kijk, er was natuurlijk eh.. laten we het er maar bij houden dat de inpassing van station Rilland esthetisch suboptimaal is door de drie inkomende vakwerklijnen over hun laatste handvol mastposities door wintracks te vervangen. Of korter gezegd, man man man

Nu is Tennet ook niet gek en dat zijn landschapsarchitecten ook niet. Inmiddels is het era der wintracks tot een einde aan het komen en ook van reconstructies met afwijkende vakwerkmasten is het een en ander geleerd. Men probeert nu om reconstructies met een zo gelijk mogelijke mast uit te voeren. Daar wordt het ingewikkeld want vrijwel geen enkele mast van voor 1990 voldoet nog aan de huidige constructienormen. Geen nood, dit betekent niet dat ze onveilig zijn of technisch gemankeerd zijn, maar wel dat ze conform de andere hedendaagse NEN- en bouwnormen niet meer precies zo zouden mogen worden gebouwd als in 1960 of 1970 werd gedaan. Je kan dus niet op de zolder van de Berg met een zaklamp in je mond naar de bouwtekeningen tijgeren, het stof eraf blazen en een metaalbedrijf met een rollerbank en een boorstraat bellen om een paar nieuwe exemplaren te laten maken. 

Een nieuwe mast moet opnieuw worden doorberekend volgens de huidige normen. Het is de kunst om een mast te ontwerpen die zoveel mogelijk lijkt op het origineel. Doe je het als ingenieur heel goed, dan valt nauwelijks op dat we tegen een reconstructie aankijken. Dat is wel wat duurder en complexer dan een kant en klaar ontwerp pakken dat vorig jaar nog elders werd gebruikt, maar er anders uitziet. De ACM zal dan mopperen over ondoelmatige besteding van publiek geld, want (tja) een beter gelijkende mast is duurder en dus minder doelmatig.

Gelukkig zijn we tegenwoordig zo ver dat inpassing een belangrijkere rol heeft gekregen en een volwassen factor is geworden in wat doelmatig mag heten. Een recent voorbeeld zien we bij Kerkdorp, waar in 2021 vier deltamasten werden omgeblazen door een valwind. De herstelde masten zijn zo goed mogelijk gelijkend gemaakt op de bestaande masten uit 1967, maar voldoen aan de hedendaagse normen en 'mogen' dus gewoon. Daaruit kunnen we blij constateren: er kan meer dan we denken, als we maar willen.

Ook voor de inpassing van Tilburg 380 kV is een reconstructie nodig, en wel van de lijn Geertruidenberg – Eindhoven 380 kV, Nederlands enige driecircuit 380 kV-lijn, en door de bonkige portaalvorm onder pylon geeks ook wel bekend als de kleerkasten. Deze masten zijn behoorlijk sterk, maar in hun constructie zitten een paar kenmerken die met de kennis van vandaag anders moeten worden gedaan. Zo zijn de middelste balktraversen in het portaal gewoon vierkante kokers die op vier punten vast zitten aan beide torens. Dat lijkt heel sterk en dat is het ook, maar het zorgt er ook voor dat de mast geen centimeter kan buigen of wrikken zonder dat er staven en bouten op drukkracht worden belast. De plekken waar de balktraversen aan de torens vast zitten krijgen tijdens storm (met torsie op de hele mast) grote krachten te verwerken. Tegenwoordig zou men de balken eerder als liggers uitvoeren, kokers die alleen ter hoogte van hun plafondvlak 'hangen' of alleen ter hoogte van de bodemplaat 'liggen'.

Liggende balk waarvan de bovenste staven niet vastzittenVoor moderne afspanportalen zoals Segberg (net over de Duitse grens bij Emmen) en de Waalportalen is dit al zo gedaan. Voor de nieuw te bouwen reconstructiemasten in Geertruidenberg – Eindhoven is nog niet bij ons bekend hoe dit wordt aangepakt, maar we vermoeden een manier die lijkt op ófwel de onderste hangmatvormige balken op het portaal bij Segberg, óf zoiets als de Waalportalen waarbij de balk wel vierkant lijkt maar niet boven en onder vast zit op de hoeken. Op dit moment worden bij Tilburg de eerste fundaties gebouwd voor de reconstructiemasten. Het zal niet lang meer duren voordat we ook bij deze masten kunnen zien hoe een hedendaagse remake van een mast uit de jaren 60 eruit gaat zien. 

Afbeeldingen: Boven: mast van de Kleerkastenlijn zoals ze in 1966 zijn gebouwd. Midden: herbouwde driecircuitdeltamast conform het ontwerp van de PGEM, maar gebouwd in 2023.Op de railing na is de gelijkenis prima. Onder: detail van de Waalportalen, met de net-niet-bevestiging van het traverseplafond (enorme vergroting hier).