HoogspanningsNet - alles over hoogspanning op het het

Hoogspanningstechniek

Hoogspanning en gezondheid?

Antwoord op alle vragen vind je bij het RIVM (NL) of het Departement Leefomgeving (B).

HoogspanningsNet behandelt dit thema met opzet niet zelf. (Waarom niet?)

Geknetter en gebrom?

Geen zorgen, dat is normaal.

hoogspanningsmast

07 juni 2020 Sinds een week is er consternatie over een foto van broedende ooievaars in een hoogspanningsmast. Ook bij HoogspanningsNet kregen we via meerdere kanalen met de foto te maken. De mast zou in de Bommelerwaard staan, zei men. Maar helaas – hoewel de foto wel degelijk echt is, is hij niet in Nederland geschoten. HoogspanningsNet zocht uit waar dan wel, en zo kwamen we in… Portugal!

Ooievaars in een hoogspanningsmast. Nee, dit is niet in de BommelerwaardOoievaars die in een hoogspanningsmast broeden hebben we in Nederland ook. Het is dus geen wonder dat (waarschijnlijk in eerste instantie op Facebook) het verband tussen de foto en een rivierkruising in de Bommelerwaard al snel werd gelegd. Maar in de praktijk is er sprake van een klassiek verhaal met een klok en een klepel. De foto toont hetzelfde beeld, maar eh.. wacht eens, tweebundelgeleiders, een toren die in een gaffel splitst en een onbekend vakwerk? Bij de wat serieuzere pylon geeks tript dan na 0,040 seconden het distantierelais. Dat klopt niet met de Bommelerwaard.

In Nederland broeden in meerdere hoogspanningsmasten ooievaars. De bekendste plekken zijn de omgeving van Meppel, tussen Almere en Lelystad en bij Zaltbommel. Op die laatste plek staat een waterkruising (het exemplaar waar in 2007 een Apache-gevechtshelikopter in vloog) en in de kruisingsmasten daarvan zitten meerdere nesten. Maar dat is dus niet de mast op de foto. Waar staat die dan wel?

Een korte zoektocht brengt ons naar de website van Tim van Nus, natuurfotograaf. In een post van 19 mei 2012 staan dezelfde masten op de foto, hoewel in 2012 de extra plankjes voor nog meer nesten er niet aan zaten. Op die foto's zijn ook de bovenkanten van de masten, de isolators en het landschap te zien. De locatie die vermeld wordt (Coimbra) neemt de laatste kans op twijfel weg: daar staan inderdaad verbindingen (netkaart en overlay) met deltamasten bedoeld voor 220 kV (overeenkomend met de isolatorlengte) waarvan de torens het juiste vakwerk hebben.

Netbeheerder REN (de Portugese evenknie van Tennet) draagt de ooievaars blijkbaar een warm hart toe. En waarom ook niet? In de toren zitten ze niemand in de weg. Overigens is ook Tennet dezelfde gedachte toegedaan, want in de onderhoudsschema's van Tennet wordt zelfs rekening gehouden met broedende vogels. Toch is het niet zo dat de vogels altijd gedoogd worden. Wanneer de nesten zich op onprettige of gevaarlijke plekken in de mast bevinden (zoals op de traversen, met name bij kleine masten) wordt er wel eens ontmoedigd. Ook op trafostations ziet men liever geen ooievaars op de portalen broeden. Ook in Portugal niet.

Afbeeldingen: de hoogspanningsmast die onderwerp is van het rondzingende bericht over de Bommelerwaard, hier als screenshot (Facebook). In de praktijk staat hij dus in Portugal. Hoe de Bommelerwaard er dan wel uitziet? De onderste foto toont de situatie van 2015, vastgelegd door Michel van Giersbergen. Soortgelijk beeld, maar zeker niet hetzelfde.

22 oktober 2018 In januari hebben we al bericht over de bouw van twee nieuwe, gigantische kruisingsmasten bij Lillo in de Antwerpse haven in het kader van Project Brabo. Inmiddels is het zover, sinds een paar maanden is de bouw aan de twee megamasten begonnen. Een indrukwekkend schouwspel voor pylon geeks is aanstaande op de oevers van de Schelde.

Vervaarlijk steken de punten van de Y-top van een van de enorme hoogspanningsmasten in aanbouw richting de hemel op de linkeroever van de Schelde. Historisch gezien waren het Hollanders die liever de lucht ingingen in het Antwerpse havengebied, maar tegenwoordig zijn het de Belgen zelf die de weg naar boven niet schuwen. En eerlijk is eerlijk, de lucht ingaan is iets wat het hart van iedere pylon geek sneller doet slaan: hoe groter en hoe hoger, hoe mooier het is. Wat dat betreft is de Scheldekruising van Project Brabo (interactieve viewer) een droom die uitkomt. 192 meter hoog. 520 ton zwaar. En constructeur Herbosch Kiere heeft ingetekend voor een bedrag van 25 miljoen euro. Je kan van alles zeggen van Elia, maar lef kan ze niet ontzegd worden.

Zelfs in losse delen is het een indrukwekkend gezicht, getuige een fotoserie die Bavo Lens recentelijk maakte. Onder scherpe bewaking, maar desondanks uitstekend te bewonderen, staan de mastdelen te wachten op een indrukwekkende hijskraan. Maar wanneer het daadwerkelijke takelen gaat beginnen is bij HoogspanningsNet nog niet bekend.
Momenteel zijn de fundamenten aan het uitharden en hoewel we heel veel geschikt weer hebben gehad in de afgelopen burnsite– ..eh, de afgelopen zomer, biedt dat natuurlijk geen garantie voor de aankomende winter of het volgend voorjaar.

Illustratief voor het monsterformaat van deze masten is de constructieplaats zelf. Zelfs de losse subdelen van de mast zijn zo zwaar dat er tijdelijke fundamenten moesten worden geslagen om ze enkele maanden op te kunnen bewaren: gewoon op een paar bokjes op de grond zetten is niet mogelijk.

Wanneer er wordt aangevangen met takelen (en of we met een goed glas Belgisch bier en een warme jas van een indrukwekkende hijsklus kunnen genieten) is ons nog niet bekend. Zodra we wat vernemen laten we het weten.

Afbeeldingen: twee foto's uit een fotoserie gemaakt door Bavo Lens op de linkeroever van de Schelde. Onder scherpe bewaking staan mastdelen te wachten op de zware hijskranen, mastdelen die per stuk al groter zijn en meer wegen dan een gehele hoogspanningsmast elders in de haven.

11 februari 2018 Alaaf! Terwijl zuidelijk Nederland zich onderdompelt in het jaarlijkse weekend van alcohol, verkleedpartijken, rare plaatsnamen en ontoe-rekeningsvatbaarheid, wordt er zelfs tijdens carnaval aan hoogspanning gedacht.

Vanuit het Brabantse Standdaarbuiten stuurde Steven Schouwenaars ons een foto van een praalwagen met de beeldtenis van twee hoogspanningsmasten. Op het eerste gezicht gewoon een origineel idee, maar als we beter kijken zien we dat Standdaarbuiten precies in de vuurlinie van het project Zuidwest-380 ligt. We zullen het nooit zeker weten, maar het kan haast niet missen dat de hoeveelheid hoogspanningsnieuws in die streek een inspiratiebron is geweest voor deze praalwagen.

Vanuit het 110 kV-gebied (waar de redactie van deze site zich bevindt) schudden we ons lichtelijk het hoofd over alle gekheid, maar een complimentje voor deze praalwegen is zeker op zijn plek. Maak er een mooi feest van en hou 'm heel daar in het zuip.. eh, het zuiden.

13 oktober 2017 Ooit was het op deze site een 1-aprilgrap: plastic hoogspanningsmasten. Maar inmiddels is het realiteit. In de Ardennen is netbeheerder Elia bezig met netverzwaringen en wat zien we daar tussen de heuvels staan? Een kort straatje proefmasten van carbonvezel.

Kunststof mastpositie in de Belgische oostlus, foto van EliaDe Ardennen zijn een mooi gebied voor wie van gemoedelijke heuvels, geologie en energiewinning houdt. Maar omdat het gebied dunbevolkt is en weg van de rivieren weinig industrie kent, is het plaatselijke elektriciteitsnet blijven hangen op 70 kV en zijn er maar op een handvol plekken koppelingen met 220 kV. Dat is lastig als je een windpark wil aansluiten, want al snel krijgt de lokale 70 kV-lijn een hartverzakking. Omdat 220 kV het andere uiterste is, heeft Elia enkele jaren geleden besloten om 110 kV te willen toepassen in delen van het gebied, het eerste tussen Brumé, Bevercé en Saint Vith: de oostlus.

Die spanning had België nog niet. Maar 110 kV is over de hele wereld een zeer populaire spanning en Duitsland bezit een enorm 110 kV-net, zodat apparatuur voor deze netspanning in ruime mate voorhanden is. Ook ligt 110 kV nog relatief dicht bij 70 kV, zodat de afmeting van de nieuwe masten, de vrije ruimte onder de draden en de corridors door de bossen minder toe hoeven te nemen dan wanneer 150 kV zou worden toegepast.

Nu had Elia gewoon naar de berg in Arnhem kunnen bellen of dat strakke 110 kV-buismastontwerp van de IJsselmij op licentie kan, maar Elia is zelf ook niet vies van wat innovatie. Er is een nieuwe betonmast ontwikkeld en bij wijze van proef zijn er in het tracé ook drie mastposities gezet die een toren van carbonvezel hebben. Eind 2015 zijn ze al geplaatst, maar de draden werden pas later aangebracht en sinds vorige maand is het tracédeel in gebruik genomen, tot 2023 nog wel op 70 kV.

Het idee achter de proef is te gaan kijken of carbonvezelen masten zich beter houden dan betonmasten. Je zou het niet zeggen, maar waar een metalen vakwerkmast bij goed schilderen vrijwel onbeperkt mee kan is een stobie of een betonpaal na een jaar of veertig al aan vervanging toe vanwege scheurtjes of betonrot. De kunststof palen zijn een beetje plomp uitgevallen en of de uitvoering als bipole echt nodig was valt ook te bezien, maar het kan Elia niet ontzegd worden dat ze wel lef hebben. Hier bij HoogspanningsNet zijn we vooral blij dat we tegen een kunststof hoogspanningsmast aankijken in plaats van een kunststof markeringspaaltje voor een grondkabeltracé, dus ons hoor je niet meer klagen.

Afbeelding: vrijgegeven foto van Elia waarop de kunststof hoogspanningsmasten te zien zijn. Niet alles is kunststof, de traversen bestaan nog gewoon uit verzinkt staal en het fundament is van beton. Bekijk hier meer foto's. Volgende week verblijft een van de bijdragers achter deze site in het gebied en wie weet krijgen we dan ook foto's van heel dichtbij te zien.

29 juni 2017 Antennes in hoogspanningsmasten voor het mobiele netwerk: netjes of slordig aangebracht, het hoort bij deze tijd. Maar zodra die tijd ze inhaalt en ze buiten gebruik raken, blijven ze in Nederland vaak verlaten in de mast achter. De verrommeling neemt toe – maar is er een kentering begonnen?

Achtergelaten antenne in een hoogspanningsmast

Mastverrommeling door antennes voor het mobiele netwerk is een irritatiepunt onder pylon geeks en ieder ander die waarde hecht aan een harmonieus lijnbeeld. Zolang de antenne functioneert (en zorgvuldig is aangebracht) is het iets dat bij deze tijd hoort. Zonder het mobiele net zou je de online netkaart ook niet op je telefoon kunnen gebruiken.

Zodra de antenne buiten gebruik raakt (nieuw opstelpunt, vervanging door een modernere antenne elders) wordt echter meestal alleen de apparatuur aan de voet van de hoogspanningsmast verwijderd. De coaxkabels naar de antenne zelf, die hoog in de mast hangt, worden botweg doorgeknipt waarna de antenne met kabels en al achterblijft in de hoogspanningsmast. De reden daarvan is niet bekend (gemakzucht, te duur om te laten doen, juridisch vergund recht op verlenging van de opstelpositie zolang er een bestaand opstelpunt is?), maar dat het een onnodige verrommeling van het lijnbeeld geeft staat buiten kijf. Met de komst van 4G nam de hoeveelheid achtergelaten antennes steeds grotere vormen aan.

Maar de laatste tijd lijkt er heel voorzichtig een begin van een kentering zichtbaar. Er zijn de laatste tijd door pylon geeks meerdere mastposities gespot waaruit een oude antenne alsnog is verwijderd, eerder dan het eerstvolgend moment van groot onderhoud. Echt een actieve handeling dus. Zie bijvoorbeeld dit exemplaar in Geertruidenberg – Borssele: de antenne is daadwerkelijk met wortel en tak verwijderd. En ook van bijvoorbeeld positie 91 in de Kattenberglijn en positie 127 van Zwolle-Meeden is bevestigd dat een oude antenne is verwijderd, in dat laatste geval zelfs met reconstructie van het originele topstukje.

Bij HoogspanningsNet weten we niet of dit losse toevalstreffers zijn of dat er werkelijk sprake is van een historische omslag in het beleid op de berg in Arnhem. We hopen natuurlijk dat bij Tennet sprake is van het laatste, want hoewel niet iedereen een hoogspanningslijn een mooi gezicht vindt, is wél iedereen gebaat bij een zo strak en rustig mogelijk lijnbeeld in het oneindig laagland.

Afbeelding: een achtergelaten antenne met doorgeknipte coaxkabels in een IJsselmij duits-type donaumast voor 110 kV bij Hoogeveen. Zulke restanten van antennes zijn overal te vinden en ze tasten -onnodig- het mast- en lijnbeeld aan. Broeit er iets in Arnhem met betrekking tot aanpak van dit probleem? Wie het weet mag het zeggen.