HoogspanningsNet - alles over hoogspanning op het het

Hoogspanningstechniek

Mast van de Maand



Mast 50 - Montegnée - Les Awirs - Tilleur
----------------------------------------------
Als je als jong pylon geekje uit je dak wil, vergeet Isola de Muchos Pecunios, maar ga een weekje Luik doen. Luik heeft geen beste naam, maar voor pylon geeks is het een ware hotspot is van oude industrie, organisch gegroeide verknopingen en een bizar 70 kV-hoogspanningsnet vol erfenissen uit het verleden. Kortom, in Luik zit je als pylon geek geramd en fotograaf Bavo Lens weet al geruime tijd telkens met nieuwe verrassingen te komen waar ons mastclassificatiemodel het behoorlijk moeilijk mee heeft. Hier zien we de splitsing tussen Montegnée, Les Awirs en Tilleur. Het nonchalant ad-hoc aansluiten van een klant zien we er met enig regelmaat. Het moet voor Elia een nachtmerrie zijn om deze lijnen te onderhouden, want afschakelingen en vermogen omleiden vereist telkens overleg en planning met distributienetbeheerders, de gemeente en ook commerciële bedrijven. Denk daar maar eens aan bij de volgende keer dat je op de N610 probeert de Maas over te steken in de spits.

Hoogspanning en gezondheid?

Antwoord op alle vragen vind je bij het RIVM (NL) of het LNE (B).

HoogspanningsNet behandelt dit thema met opzet niet zelf. (Waarom niet?)

Geknetter en gebrom?

Geen zorgen, dat is normaal.

Mastverrommeling


Doet dit ook jouw tenen kromtrekken?


Zoek je de netbeheerder?

Dat zijn wij niet. Ga naar de website van TenneT TSO (NL) of Elia (B).




Of ga naar ENTSO-E voor het Europese samenwerkingsverband tussen netbeheerders.

Berichtenarchief

27 december 2018 Pylon geeks zijn overal. Echter, tot zover we weten zijn er in Europa alleen in het Nederlands taalgebied en in Engeland verbanden die het serieuzer aanpakken dan een Facebookgroep of een soort dispuut. Maar aan de overkant van de offshore windparken lijkt de Pylon Appreciation Society nu in de penarie te zitten. 

Screenshot van de website van de PASDe Pylon Appreciation Society (PAS) lijkt wel wat op ons: mensen die zowel professioneel als hobbymatig de aanblik van hoogspanningslijnen in het landschap wel kunnen waarderen en daar ook na vijf uur wat mee doen. Verschil is dat ze meer one-issue zijn en dat oprichtster Flash Bristow de Britse organisatie beheert als een rechtsvorm (vergelijkbaar met een stichting) waarvan mensen lid konden worden en een welkomstpakket thuisgestuurd krijgen. In 2014 had de PAS minimaal 600 leden en we hebben hier bij het siteteam in ieder geval één persoon die er ook lid van is.

Of misschien was. Want sinds enige tijd is de website van de PAS plotseling uit de lucht. Sterker nog, het gehele webdomein is in handen van een reseller en de mail wordt niet beantwoord. De hele PAS lijkt van de aardbodem te zijn verdwenen. We hebben wel iets opgevangen over dat de oprichtster mogelijk gezondheidsproblemen heeft, maar dat is niet bevestigd. Normaal gesproken zou dat ook niet mogen uitdraaien in het omvallen van een verband van honderden mensen – tenzij één persoon werkelijk de absolute macht heeft. (Om de lezers gerust te stellen, dat is hier bij HoogspanningsNet dus niet het geval.)

Het gelijknamige forum is er nog wel, maar dat is deels afgeschermd voor passanten en lidmaatschap van de PAS lijkt niet automatisch toegang te geven tot het forum. Er staat niets over het lot van de website of de society – eigenlijk toont het forum zelfs geen enkel verband met de PAS van Flash Bristow, behalve dat ze de werknaam delen. Er is ook een groep mensen (4000) die dezelfde naam op Facebook gebruiken, maar dat lijkt voornamelijk te draaien om het reposten van losse foto's die op het internet rondslingeren zonder dat er diepgang achter zit. Een oud bericht in die groep lijkt er tevens op te wijzen dat zij geen verband houden met de officiële PAS. 

Samengevat, ook bij HoogspanningsNet hebben we geen idee wat er gaande is. Contact hebben we tot nu toe niet weten te krijgen, maar het ziet er niet best uit. We zullen toch niet meemaken dat de Brexit.. nee toch?

[E] It looks like something serious is going on at the UK collegue platform Pylon Appreciation Society. Their website is offline, the domain is even obtained by a reseller. Up until now every attempt to contact and asking about the situation failed. Quite concerning. If someone knows more about the situation, don't hesistate to contact us.

Afbeelding: screenshot van de website van de PAS in de tijd dat ze nog online waren (klik voor vergroting). Weinig opwindend zodat mensen bijna vanzelf naar Facebook uitwijken om foto's te delen, maar niets leek erop te wijzen dat ze opeens zouden verdwijnen. 

06 december 2018 De Goedheiligman brengt dit jaar niet alleen iets moois mee voor Belgische kinderen. Ook voor volwassenen is er een cadeautje: de Nemo Link is klaar! België en Engeland zijn nu verbonden en de kans op elektriciteitsschaarste is verder afgenomen.

Nou ja, cadeautje… Het 140 kilometer lange draadje staat op de balans voor 690 miljoen euro, maar in tegenstelling tot bijvoorbeeld afschrijvingen op staatsobligaties krijgen we er deze keer echt iets voor terug: 1000 MVA harde interconnectorcapaciteit tussen Zeebrugge en Richborough. Na een testfase die de rest van deze maand duurt zal de kabel begin 2019 worden vrijgegeven voor de markt.  

België was het laatste land aan de Noordwest Europese kust dat nog geen kennis had gemaakt met HVDC. Andere landen zoals Nederland (NorNed, 2010), Duitsland (1994, Baltic Cable), Frankrijk en Engeland (France Angelterre, 1961) en pionier Zweden (Gotlandlink, 1954) hadden al langer DC connecties met elkaar. Nemo wordt bedreven op 400 kV DC in het schema van een symmetrische monopool. Dat betekent dat er twee geleiderkernen liggen die in de praktijk allebei een potentiaal van 400 kV hebben ten opzichte van de aarde (en 800 kV tot elkaar) en dat de stroomrichting in beide geleiders omgekeerd loopt. De converters zijn door Siemens geleverd en zijn van het type VSC (voltage source converters). Deze zijn kleiner en beter stuurbaar dan traditionele thyristors in oudere converterinstallaties.

Er is ook een primeur: de kabel heeft een mantel die gedeeltelijk uit XLPE bestaat. Voorheen werd dat niet gebruikt in DC-zeekabels omdat het materiaal onder water wel eens last kreeg van minuscule barstjes, waterbomen en deelontladingen in de isolatie, zodat men voorheen liever oliegedrenkt papier gebruikte.    

Een ander uniek kenmerk is dat Nemo gebruikt kan worden als blackstartvoorziening. In het geval van een bijna onmogelijk, maar theoretisch denkbare totale uitval van het hele Belgische net waarbij ook geen beroep kan worden gedaan op de buurlanden, kan via een aggregaat het converterarray worden opgestart waarna een wisselstroom kan worden gegenereerd. 

HVDC-interconnectors dragen doorgaans trotse namen zoals BritNed, Cross-Skagerak en Hansa Powerbridge. Nemo Link lijkt te refereren naar de onverschrokken kapitein Nemo uit het boek van Jules Verne, 20.000 leagues under the Sea), maar bij HoogspanningsNet hebben we op de open dag van het converterstation in aanbouw (afgelopen mei) opgevangen dat daar misschien wel helemaal geen projectgroep of inspraakprocedure aan te pas is gekomen. Een hoog persoon binnen Elia, een balpen wiebelend tussen twee vingers en een blik naar het plafond. Of het ook echt zo is gegaan? Dat zullen we waarschijnlijk nooit weten – iets wat eigenlijk ook weer goed past bij de afloop van het boek van Jules Verne.

Voor nu feliciteren we Elia en NationalGrid met de oplevering van dit mooie project en we hopen dat de testfase voorspoedig verloopt. Een mooie afloop na tien jaar hard werken. 

Afbeelding: De binnenkant van de converterhal, waar wisselstroom in gelijkstroom wordt omgezet, is een bijna buitenaards gezicht. Foto door (en via) Elia, omdat het op de open dag niet was toegestaan zelf foto's te maken van de installatie. Onder: demonstratiemodel van de gebruikte kabels. Het witte materiaal is XLPE, nu nog uniek in nieuwe zware HVDC-zeekabels.

26 november 2018 Het was al maanden aangekondigd en nu is het zover: HoogspanningsNet zit op een zwaarder hostingpakket. Het brengt verbetering in performance van onze netkaart en geeft ademruimte voor het uitrollen van nieuwe ontwikkelingen.

Noodmast in de EemshavenDe laatste jaren is het aantal gebruikers van HoogspanningsNet gestadig gegroeid. De netkaart zowel in omvang (meer landen en objecten) alsook in aantal dagelijkse gebruikers dat privaat en stiekem zakelijk de netkaart op een tabblaadje heeft openstaan.

Op drukke momenten raakten we door de resources heen zodat het EB-cluster onstabiel en traag werd. Daar kwam wel eens gemopper over via de mail. Geruime tijd haalden we onze schouders op – HoogspanningsNet wordt beheerd door vrijwilligers en ook de hostingkosten worden vrijwillig betaald, dus als voor voor niets de zon opgaat mag men niet zeuren over af en toe een wolkje.

Maar dat wolkje groeide. We namen operationele maatregelen (caching, code stroomlijnen, database optimaliseren), maar het klaarde niet op. Dit najaar had de wolk het formaat aangenomen van een flinke donderwolk. We hadden iedere maand twintigduizend bezoekers meer op het EB-cluster dan waar ons hostingpakket op was berekend. Het is de bedoeling dat Cycle 7 van de netkaart (de grootste capaciteitsvreter) een beduidend efficiëntere code krijgt, maar die is nog in ontwikkeling zodat we daar nu nog niets aan hebben.

Ondanks dat het een scherpe stijging betekent in de jaarlijkse onkosten (inmiddels de ordegrootte van een budgetvakantie naar het strand van Groot Transformatorië) is verzwaring noodzakelijk. Ook voor onze interne besoignes, want als vrijwilligers ontlenen we er zelf natuurlijk ook lol en genoegen uit om site, forum en netkaart te beheren en verder te kunnen ontwikkelen. En we hebben nogal wat plannen in vrijetijds-congestie hangen. Een traag platform op de server is voor ontwikkelaars net zo ergerlijk als een trage PC op je bureau thuis. 

Inmiddels staat er de dubbele hoeveelheid rekenkracht en memory achter het EB-cluster. Dat gaat zeker helpen in bereikbaarheid, snelheid en toekomstvastheid. Ondanks dat zal het in elk geval zolang Cycle 6 van de netkaart operationeel is soms blijven voorkomen dat hij eh.. hapert. Bij stroomstoringen die de media halen duikt men met duizenden tegelijk op de netkaart en een hostingpakket dat daartegen kan is niet te betalen. (Een digitale fooienpot voor dankbare gebruikers van de netkaart is overigens niet langer onbespreekbaar. ;-) )

Afbeelding: als de netbeheerder in de knel komt en lapmiddelen zoals dynalic line rating en congestiemanagement niet meer werken, dan moet hij er een circuit bij plaatsen. Voor een website is dat weinig anders: als je resources tekort komt en je ook met operationele maatregelen de grens bereikt, dan moet je je pakket verzwaren.

13 november 2018 Enkele dagen geleden heeft de Nederlandse Rijksoverheid bekendgemaakt welke tracédelen van 50-, 110- en 150 kV in aanmerking komen voor Rijkssubsidie bij het oplossen van 'knelpunten'. 556 masten in 81 verbindingen zijn tot Pylona Non Grata verklaard.

Hoogspanning in Apeldoorn, inmiddels verdwenenZelden kreeg een document zo snel een beruchte bijnaam. Staatscourant nummer 59037 van 08 november 2018 raakte onder pylon geeks in no-time bekend als de dodenlijst. Nee, pylon geeks zijn niet haatdragend – de lijst bevat geen personen, maar hoogspanningsmasten. Met uitknikkende knieën en zo wit als een circuitkleur doken we in de lijst om te zien waar er slachtoffers gaan vallen. Dat blijken precies 556 mastposities te zijn, in totaal in 81 verbindingen die door het hele land staan. Zij komen in aanmerking voor Rijkssubsidie om versneld te verdwijnen.

De lijst is de concrete uitwerking van een toezegging van Minister Kamp uit 2013, waarover we destijds al berichtten. Hij stelde € 450 miljoen euro aan budget beschikbaar om versneld 135 km 110- en 150 kV-verbindingen onder de grond te stoppen op plekken waar zogeheten schrijnende situaties of knelpunten zijn. Vanaf 2017 was dit budget toegezegd op voorwaarde dat er geen sprake zou zijn van grote economische tegenspoed bij de overheid. Dat is niet het geval en dus is er werk gemaakt van het in kaart brengen van de knelpunten, waarna ze zijn opgesomd en zijn gepubliceerd in de Staatscourant. Gemeentes kunnen deze tabellen gebruiken om te kijken tot hoe ver (soms letterlijk) ze een bijdrage van het Rijk kunnen aanvragen om knelpunten op te lossen. Dat betekent overigens niet dat het een no-brainer is in de gemeenteraden: nog steeds moeten gemeentes een flink deel meebetalen en gemeentes zijn vrij om te kiezen om dat liever vooralsnog voor andere doelen in te zetten.

Sloop van een oude vakwerkmast in DrentheEen troost voor pylon geeks is dat het totale verlies aan eh.. biodiversiteit in het net relatief beperkt blijft. Verder is het Rijk terughoudend: er wordt geen mastpositie teveel gesubsidieerd verwijderd. Meestal houdt het in aanmerking geraakte tracédeel direct op zodra de woonwijk dat ook doet. Er wordt geen rekening gehouden met stadsuitbreidingsplannen die de gemeentes erop nahouden. Dat is logisch, want het Rijk subsidieert alleen aanpak van bestaande situaties die de gemeentes slechts half-half aangerekend kunnen worden. (Ook de gemeentes wisten tientallen jaren niet dat de aversie tegen bovengrondse hoogspanning zo sterk zou toenemen dat actief onder de grond brengen alsnog zou gaan gebeuren. Maar bij huidige nieuwbouw weten zij dat wel van tevoren.)

Download zelf de dod.. eh, Staatscourant 59037 hier. Voor beginnende pylon geeks en voor wie weinig kan met al die afkortingen: je zit hier op HoogspanningsNet en wij gaan tot het draadje, dus download hier een KML-bestand waarin we grafisch alle 81 tracédelen hebben gemarkeerd voor in Google Earth, eventueel te projecteren bovenop onze netkaart.

Afbeelding: hoogspanningslijnen boven en pal naast woningen zijn tegenwoordig niet zo populair meer. De Rijksoverheid wil helpen bij het verkabelen van dit soort lijndelen. De lijn op de foto (gemaakt door Tom Börger in Apeldoorn) is inmiddels reeds verdwenen. Rechts: sloop van zo'n mast gaat met hydraulische scharen (foto door Hans Nienhuis, overigens hier ver van een woonwijk). 

09 november 2018 Vandaag kwam trots in het nieuws dat het Nederlandse energienet nu ook is verbonden met het Deense net via de COBRA-cable. Dat klopt, althans in de galvanische zin van het woord. Maar niet te vroeg feestvieren, eerst moeten de converters nog af.

Demonstratiemodellen DC-kabel NEMOIn het Europa van nu verbinden landen hun elektriciteitsnetten steeds meer met elkaar. Op die manier kan elektriciteit de grenzen over reizen waardoor internationaal in energie kan worden gehandeld en er efficiënter gebruik kan worden gemaakt van hernieuwbare energiebronnen. Een zee oversteken was vroeger niet eenvoudig omdat wisselstroom maar moeilijk onder water door wil. Gelijkstroom heeft daar minder moeite mee en sinds HVDC met vermogenselektronica technisch volwassen is geworden is de zee niet langer meer een barrière. In Europa liggen dan ook al enkele tientallen zware elektriciteitskabels over de zeebodem.

De COBRA-Cable past in een serie van soortgelijke interconnectors tussen verschillende landen rond de Noord- en de Oostzee. Sinds tien jaar is er de NorNed-kabel dus tussen Feda (Noorwegen) en de Eemshaven ligt. De COBRA-cable krijgt dezelfde capaciteit van 700 MW. Eenmaal in dienst is hij handig om vermogen uit te wisselen tussen Nederland en Denemarken. Bij een overschot aan windenergie kan er zuidwaarts worden getransporteerd, maar bij wind drought (een nette term voor dagenlang windstil weer in grote delen van west Europa) zal het andersom zijn en kan juist stroom naar het noorden worden getransporteerd. COBRA is een acroniem van COpenhagen BRussels Amsterdam, zodat in de naam van de kabel zijn functie al besloten ligt. 

Maar ook al ligt de kabel er nu, hij kan niet zomaar worden aangesloten op het stroomnet. Op de beide uiteinden van de kabel zijn zogeheten converterstations nodig, om de wisselstroom waarmee het elektriciteitsnet werkt in de gelijkstroom om te zetten waar de kabel mee werkt. Bij de COBRA-cable staan die in Endrup en de Eemshaven. Deze stations zijn vandaag allebei nog niet af, zodat het nog een poosje duurt voordat de kabel in dienst kan (of in jargon: aan de markt wordt vrijgegeven). Eigenlijk roept het Nederlandse nieuws dus iets te vroeg. De verwachting is dat ergens midden volgend jaar de eerste elektriciteit door de kabel zal stromen, zodat hij dan pas echt 'klaar' is. Nog heel even geduld dus. Of zoals ze het bij de andere converter zeggen, vent en øjeblik mere, takk! 

Afbeelding: demonstratiemodellen van DC-grondkabels. Deze exemplaren waren te zien tijdens een open dag van Elia op de Nemo-converter in België, maar voor de COBRA-cable is het beeld vergelijkbaar. Een foto van een converter hebben we niet, vaak is het verboden om foto's van zo'n installatie te nemen.

De HoogspanningsNet Netkaart voor je PC, browser, tablet en telefoon.

– Altijd het net op zak.

Meer info Handleiding FAQ GIS/KML

Actuele load

@hoogspan op Twitter

Hoogspanningsagenda

Wat hangt ons boven het hoofd?
September - COBRA-Cable gaat in dienst



Heb je een tip? Meld 'm hier

Waar zijn de netprojecten?

Kijk waar de netuitbreidingen zijn!
Netuitbreidingskaart TenneT
Netprojecten Elia
TYNDP Europa door ENTSO-E

Credits en copyright

Creative Commons Licentie

Tenzij anders vermeld, bevindt de content op deze website zich onder een CC BY-NC-ND-licentie.

Lees de volledige disclaimer hier.