Onweerchasing is iets waarmee je geboren wordt. Een soort geintje van de schepping waarmee random heel af en toe een onschuldig individu wordt opgezadeld. Ervanaf komen is niet mogelijk. Wie dit lot treft kan maar één ding doen: blij zijn dat hij in een tijd met auto’s, internet en radars leeft en zo vlot mogelijk het rijbewijs halen.

In 2006 ben ik aan zelfstandig chasen begonnen in hetzelfde rooie postbodebusje als waar ik nog steeds in rijd en die (juist vanwege de absurdheid ervan) stiekem is uitgegroeid tot misschien wel de bekendste chasemobiel van de Benelux. Tussen 2008 tot 2011 heb ik gechased met Steyn van Antwerpen en Joeri de Vlieg uit Assen. Dat was een verband (geen team) waarbij de taakverdeling enigszins scheef lag. Ik deed een belangrijk deel van het nowcastingwerk, reed, navigeerde en deed ook de IT-techniek. Steyn deed de PR en maakte met Joeri de foto’s. Ging best aardig, niet daarvan. Maar achterhaald door een verre woonplaats, anderen die hun rijbewijs haalden en de opkomst van smartphones werd ik steeds verder wegbezuinigd uit dit losse verband. Ook lijken zij het steeds drukker te hebben met carriéretijgerwerk. Sinds 2012 is het er überhaupt niet meer van gekomen, dus sindsdien jaag ik weer solo.

Ik heb geen speciale talenten zoals de vorige nieuwkomer Rick (fotografie), of zoals Jordi (doodleuk een stage op het KNMI scoren zónder cup D en blond lang haar, respect daarvoor. Je moest eens weten hoeveel meteostudenten in Vagedingen daar stikjaloers op zijn). Wat ik wel heb is een vrij solide chase-ervaring sinds 2006, wat kennis van websitebouw en vaardigheid met de handjes (metaalbewerking, elektrotechniek, improvisatietalent en wat je verder als boer nodig hebt). Daarnaast ervaring met schrijven (Weerspiegel (onweerrubriek, de evenknie van Wilfreds hozenrubriek), websites, cursusmateriaal en een paar andere bladen en blogs). Verder is er een bizarre hobby genaamd hoogspanning en een lopende studie meteorologie in Vagedingen met subspecialisatie GIS. Maar daarvan moet de waarde voor chasing niet overschat worden. Inzicht krijg je buiten in het veld en niet achter een blad met formules, ik kan het weten.

Wat ik echter ook heb is een probleem: mijn thuisstek. In noordoost-Nederland zijn weinig andere chasers en het gebrek aan collega’s heeft er (samen met de grote afstand tot gebieden waar zij wel zijn) voor gezorgd dat er in het noorden, als enige landsdeel, nooit teams of verbanden van enige betekenis zijn ontstaan. De spoeling bleek gewoonweg te dun.
Ik heb zelf het idee dat als ik reeds al jaren bij een team of verband zou hebben gezeten als ik domweg maar ergens geboren zou zijn waar wel anderen zijn. Maar dat is nu eenmaal niet het geval, het is zoals het is. In chase-opzicht is geboren worden in het noorden een sneu gevalletje van shit happens.

Maar daar ligt ook een grote kans: het wordt tijd om de zwakte van het noordoosten om te buigen tot de kracht ervan, terra incognita. Het gebied en het aanliggend deel van Duitsland heeft een acceptabele CB-dichtheid en juist omdat er maar weinig chasers zijn en veel ruimte is, vormt het gebied nog een soort witte vlek in het verder vrij goed afgedekte jachtgebied in en rondom Nederland.

Kan een team NO daardoor meerwaarde hebben? Dat is aan de bestaande mensen om te bepalen. Maar er is in ieder geval iemand die het gebied (als geboren 110 kV’er) op zijn duim kent, die niet pas sinds gisteren chaset (lees: bekend met deze wereld en stabiel aanwezig erin) en die interesse heeft om in groter verband aan een wederzijdse meerwaarde te willen werken. Waarmee de laatste open plek op de chasekaart van Nederland en het aangrenzend gebied kan worden afgedekt.

Tot zover ik weet ben ik onomstreden in de onweerchasewereld. Er zijn geen ruzies waarin ik betrokken was of zou zijn en er kleeft geen schandaal aan mijn naam, behalve een soort waarschuwing van een moderator op Weerwoord uit 2010, dat ik eraf wordt gegooid als ik ooit nog één keer de Tact in Kelvin doorgeef in plaats van in Celsius, bij gebrek aan de altcode voor het gradenrondje. En misschien dat ik het al jaren waag om een elf jaar oud postbodebusje met een 55 pk dieselmotortje “chasemobiel” te noemen zodat het ego van andere chasemobielen deerlijk omlaag wordt getrokken. Immers, als het ook met een postbodebusje al kan…