HoogspanningsNet - alles over hoogspanning op het het

Hoogspanningstechniek

Hoogspanning en gezondheid?

Het antwoord op alle vragen vind je bij het RIVM (NL) of het LNE (B).

HoogspanningsNet behandelt dit thema met opzet niet zelf. (Waarom niet?)

Geknetter en gebrom?

Dat is normaal.

10 mei 2017 Daags terug werd het Geminiwindpark symbolisch opgeleverd. Maar met de aansluiting op het hoogspanningsnet van het tweemaal 300 MW zware verre-offshore windpark is op het eerste gezicht iets eigenaardigs aan de hand is. 'Welke druif heeft daar steeklijnen op wisselstroom voor gekozen?'

Offshore windparken. Gemini is het exemplaar het meest linksonder.Waar tien jaar geleden Horns Rev I en Alpha Ventus alom opgetrokken wenkbrauwen opleverden, zijn zogeheten verre offshore windparken vandaag de dag al weinig bijzonders meer. Met name in Duitsland is het sinds 2011 jetzt geht loss op de Noordzee, zodat het een drukte van belang is met tientallen windparken in dienst, bouw en ontwerp. Daardoor is de wereld van offshore wind razendsnel volwassen geworden.

Om een kabelspaghetti met tientallen losse aanlandingspunten te voorkomen geven netbeheerders de voorkeur aan offshore 'stopcontacten' waarop aansluitcapaciteit aangeboden wordt. Het aansluiteiland, de HVDC-kabel naar land en de aansluiting op het hoogspanningsnet zijn dan eigendom van de netbeheerder, zodat investeerders in verre offshore windparken alleen het park zelf, een trafo-eiland en de korte AC-aansluiting naar het convertereiland hoeven te regelen. Tennet laat in Duitsland dan ook het ene na het andere convertereiland de zee op slepen. Maar het vereist wel daadkracht van de overheid. Daar ging het in Nederland mis: er werd vanuit Den Haag geen enkele visie op verre offshore-wind getoond zodat Tennet ook geen concreet plan voor een Nederlands net op zee kon uitrollen. Nederland is daardoor vandaag het kneusje van de Noordzeeklas qua verre-offshore wind.

Slechts één consortium waagde het om toch een groot, ver offshore-windpark in Nederlands water aan te willen leggen: het Geminipark. Maar ze moesten de aansluiting op het net helemaal zelf ontwikkelen. Een HVDC-kabel levert onder water minder transportverlies op dan een AC-kabel, zeker bij grote afstanden. HVDC-techniek is wel duurder en veroorzaakt een meerprijs die bij de aanleg van het park moet worden opgeteld. Als een overheid geen visie toont kan of mag de netbeheerder niet helpen om aanloopkosten te beperken door HVDC-stopcontacten te bieden. Het gevolg is een simpele rekensom: als de kosten van het beraamde rendementsverlies door een AC-aansluiting tijdens de hele levensduur van het windpark lager blijven dan de initiële meerprijs van een private HVDC-aansluiting, zal een investeerder het transportverlies verkiezen en toch maar AC toepassen.

Precies dat is gebeurd bij het Geminipark. De aansluiting als twee ruim 100 kilometer lange, private 220 kV AC onderwaterkabels met relatief veel transportverlies zal ons nog lang via de netkaart herinneren aan een episode van Haagse visieloosheid op offshore wind. Gelukkig kunnen we wel constateren dat er (eindelijk) ook in Den Haag iets begint te dagen, waardoor Tennet nu ook offshore eilanden in Nederlandse wateren kan gaan zetten en toekomstige parken een gunstiger aansluitsituatie tegemoet kunnen zien dan waar Gemini het mee moest stellen.

Afbeelding: screenshot uit de netkaart (online versie). De Duitse windparken rechts zijn allemaal op centrale convertereilanden aangesloten, zodat een efficiënte clustering met telkens een array parken en één HVDC-aansluiting naar land ontstaat. Gemini moest het zelf rooien en zit aangesloten op de Eemshaven met twee private, ouderwetse 220 kV AC-kabels.

Comments are closed.

Credits en copyright

Creative Commons Licentie

Tenzij anders vermeld, bevindt de content op deze website zich onder een CC BY-NC-ND-licentie.

Lees de volledige disclaimer hier.