Dit geluid is normaal bij bovengrondse hoogspanningslijnen. Het is niet gevaarlijk en er is ook niets mis. Je hoort het het sterkst bij zware hoogspanningslijnen en wanneer het vochtig of koud en mistig weer is. Over dit geluid hebben we de knetterpagina, waar de oorzaak van het geluid wordt uitgelegd.
Allereerst: vergewis jezelf ervan dat er echt iets aan de hand is dat niet normaal is. Trek niet te snel de conclusie dat er iets mis is: een kapotte schotel in een isolatorketting, bewegende draden of een knetterend geluid zijn geen reden tot ongerustheid. Pas als je echt zeker weet dat je iets ziet dat werkelijk abnormaal is (zoals bijvoorbeeld los hangende draden, zichtbare vonkvorming of ernstige beschadiging van de constructie die direct gevaar opleveren), doe dan het volgende:
- Blijf uit de buurt van de hoogspanningsmast.
- Ga niet onder de draden staan.
- Lees (indien mogelijk) een of twee masten verderop op het waarschuwingsbord het storingsnummer van de netbeheerder. In Nederland (Tennet) is dit het gratis nummer 0800-0230459 en in België (Elia) is dit het nummer 0800-95062. Elia heeft ook een speciale meldpagina voor dit soort gevallen.
Leg aan de telefoon de situatie uit en vergeet niet te noemen waar je bent. Je kan als alternatief ook altijd de politie bellen en hen de situatie uitleggen. Wanneer er inderdaad iets mis is zal de netbeheerder je dankbaar zijn.
In de meeste gevallen niet. De kabeltracés op de netkaart roepen met enig regelmaat vragen op. Niet iedere kabel is in dezelfde precisie gekarteerd. Er zijn exemplaren die in hoge mate accuraat zijn en die in de praktijk binnen enkele tientallen meters correct zullen zijn. Maar er zijn ook kabels in kaart gebracht waarvan geen precieze tracé-informatie voorhanden was. Deze kabels zijn abstracter ingetekend (volgens de bron met de hoogste precisie beschikbaar). Daardoor kan het gebeuren dat een tracé abstract wordt weergegeven en in een rechte lijn dwars door een woonwijk en midden door huizen loopt, terwijl deze in werkelijkheid het stratenplan volgt of zelfs om de wijk heen ligt. Precisie-informatie over de kabels is telkens te verkrijgen bij de gemeente of het kadaster. Bij vragen over de precisie van een bepaald exemplaar, neem even contact op en we kunnen je vertellen wat de bron was voor een bepaalde kabel en daarmee hoe nauwkeurig het weergegeven tracé is.
Veronderstelde gezondheidsrisico's veroorzaakt door hoogspanningslijnen zijn een onderwerp waarover veel verwarring en oncontroleerbare informatie bestaat. Er gaan zogezegd nogal wat indianenverhalen rond op het internet. Wij hebben ervoor gekozen om de verwarring niet verder te vergroten en laten dit onderwerp daarom opzettelijk over aan professionele, gezaghebbende instanties waar men van op aan kan. In Nederland is dat het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) en in België het LNE.
Het hangt ervan af hoe je dat telt. Is een stijgjuk ook nog een hoogspanningsmast? Tellen we masten mee die als relict zijn blijven staan en waar geen draden meer in hangen?
In Nederland telt het net van TenneT 12.663 mastposities (eigen getal TenneT d.d. 27 april 2016), maar er zijn ook commerciële hoogspanningsverbindingen (zoals invoedingslijnen van centrales) en er is het 50 kV-net, waar ook nog een ruim dozijn bovengrondse verbindingen met samen vele honderden masten van staan. Wanneer we stijgjukken, dubbelmasten en tot kunst verheven masten als onzekerheidsmarge behouden in het getal, kan je het beste uitgaan van circa 13.500 mastposities.
Van België hebben we helaas (nog) geen exact getal beschikbaar. In een toekomstige versie van de netkaart hopen we alle Belgische mastposities mee te nemen als aparte entiteiten, zodat we dan ook een exact getal beschikbaar hebben. Aangezien België een uitgebreider bovengronds net heeft dan Nederland en er ook spanningen zoals 36 kV deels bovengronds staan, is de beste schatting een getal tussen 20.000 en 25.000 mastposities.
Zoals je wel kan raden verschilt dat nogal per exemplaar. Hoekmasten hebben een zwaardere constructie dan steunmasten en het formaat van de mast maakt ook nogal wat uit. Kleine mastjes voor 50 of 70 kV hoeven niet meer dan een paar ton te wegen. Een normale vakwerkmast voor spanningen van 110 tot 150 kV heeft een typisch gewicht van tussen de zes en vijftien ton, waarbij de hoekmasten vaak enkele tonnen zwaarder zijn. Grotere masten voor 220- tot 380 kV wegen tientallen tonnen meer. Een typisch gewicht van dertig tot veertig ton voor een steunmast en tot wel zestig ton voor een hoekmast is gebruikelijk. Bij de zwaarste verbindingen die we hebben in Nederland en België wegen de steunmasten veertig tot zestig ton en gaan de zwaarste hoekmasten tot ongeveer honderd ton. Verder zijn buis- of kokermasten ondanks hun minimalistische uiterlijk doorgaans zwaarder dan vakwerkmasten! In een buis zit nu eenmaal meer metaal dan in een open vakwerk.
De langste verbinding in de Benelux is de NorNed-zeekabel. Deze HVDC-verbinding loopt tussen de Eemshaven en Feda (Noorwegen) en is 580 kilometer lang. De langste bovengrondse hoogspanningslijn op land is de 380 kV-verbinding Zwolle-Meeden. Deze is 107,6 kilometer lang en de 380 kV-circuits worden nergens onderbroken. De langste bovengrondse hoogspanningslijn van België is weinig korter: één circuit van de 380 kV-verbinding Aubagne-Brume loopt zonder onderbrekingen door over 104,2 kilometer. Zie overigens voor meer van zulke records het FAQ-menu Records NL/B/wereldwijd.
Als je echt wil weten wat er met je gebeurt bij direct contact met een hoogspanningskabel die op dat moment in gebruik is, dan moeten we je waarschuwen. Mensen zonder sterke maag kunnen beter wegklikken. Bij het aanraken of te dicht naderen van een draad vindt overslag plaats: een deel van het vermogen zal via jouw lichaam een kortere weg naar de aarde of naar een andere fasedraad vinden. Het gaat hier om enorme vermogens. Het lichaam van levende wezens bestaat voor een groot deel uit water met opgeloste stoffen, waardoor het betrekkelijk goed geleidt. Maar nog steeds is er weerstand, zodat je hele lichaam reageert als een weerstand waar teveel vermogen over wordt gelegd. Het vormt geen enkele partij. Water wordt instantaan verhit tot het kookpunt. Zenuwen verdampen, ledematen scheuren open en ontploffen, botten verkolen en versplinteren en kleding vliegt in brand of wordt kapot geblazen. Binnen een seconde heb je het leven gelaten.
Ja. Dat levert geen gevaar op. De circuits waar de spanning op staat hangen geïsoleerd. Als de isolators nat worden, kan er een piepklein beetje lekstroom overheen gaan lopen. Dat kan je horen door gesis en geknetter. Maar dit lekstroompje loopt bijna geheel tussen de ophanging van de isolators onderling en heeft weinig interesse in de grond. Het is wel mogelijk dat je nog iets kan voelen, maar dit is niet gevaarlijk.
Nee. Hoewel de hoogspanningslijn zelf een uitstekende bliksembeveiliging heeft, is het gedrag van bliksem zelf ondoorgrondelijk. Meestal zal een inslag op het topstuk van de mast slaan. Maar alle theorieën van Horvàth en Schwaiger ten spijt, bliksem volgt soms een ondoorgrondelijke weg. Afketsing op het mastlichaam is mogelijk, waarna alsnog een fasedraad geraakt wordt, of waarna hij vlak naast de mast in de grond slaat. Ook kan bliksem bij een slecht geaarde mast weer uittreden bij het fundament. Bij masten met een smalle voet, zoals buismasten en wintracks, ontstaat in de grond een groot spanningsverschil wanneer de spanning zijn weg naar het grondwater zoekt. Ook dat kan gevaarlijk zijn. Bij onweer kan je het beste open veld en zeker hoogspanningslijnen mijden. Toch is er één uitzondering: als je werkelijk nergens heen kan en het onweer overvalt je (bijvoorbeeld op de fiets), verlaat je fiets dan en ga midden onder een hoogspanningsmast op je hurken zitten. Bij een mast met een broekstuk wordt een faradaykooi gevormd waardoor de stroom om je heen loopt en bij de vier poten de grond in gaat. Er is ook minder gevaar te duchten van de spanningsverdeling in de grond. Een bliksem kan bovenop de mast slaan, maar midden eronder zit je dan relatief het veiligst.